Paxos is geen eiland voor musea en historische ruïnes in de klassieke zin. De bezienswaardigheden hier zijn van een andere orde: natuur die je oploopt, een kust die je alleen vanuit het water begrijpt, en een landschap dat letterlijk draait om één boom. Toch is er genoeg concreets om doelgericht te bezoeken.
De westkust: kliffen en zeegrotten
De westkust van Paxos is het meest indrukwekkende stuk natuur van het eiland. Hier dalen kliffen van dertig tot veertig meter recht het water in, en over een lengte van bijna tien kilometer zijn zo'n veertig grotten en grotjes uitgehold door golven en wind. De bekendste zijn:
- Ipapanti-grot — de grootste grot van de westkust, ook wel de Blauwe Grotten van Paxos genoemd. Het water heeft een opmerkelijk blauwe kleur door de lichtreflectie op de kalkstenen wanden. Bereikbaar per roeiboot of kajak.
- Kastanida-grot — iets ten noorden, smaller maar met een nog intenser turquoise tint als de zon laag staat. Populair bij snorkelaars.
- Stakkai- en Petriti-grotten — minder bekend, onderdeel van de cluster bij Lakka. Rustig, zelden druk.
Bijna alle grotbezoeken verlopen via een rondvaartboot vanuit Gaios of Lakka. Er zijn dagelijkse tochten (vraag naar "round the island boat trip") die ook langs de Ortholithos en Tripiti-boog gaan. Reken op een halve dag.
Ortholithos en de Tripiti-rotsboog
Aan de zuidwestpunt van het eiland steken twee geologische curiositeiten omhoog. De Ortholithos is een vrijstaande kalksteenpijler die zo'n tien meter boven het water uitkomt — los van de kust, met vegetatie bovenop. Vanuit de boot oogt hij bijna surreëel. Iets verderop is de Tripiti-boog (ook wel Tripitos), een natuurlijke boogvormige opening in de klif die groot genoeg is voor een kleine boot. Beide zijn alleen per boot te bereiken; je kunt er niet op- of door te lopen.
De meeste rondvaartboten vertrekken 's ochtends vroeg uit Gaios en stoppen bij de grotten, Ortholithos, Tripiti en Antipaxos. Zo zie je alles in één dag. Boek de dag ervoor bij een van de kiosken aan de haven; prijzen variëren, vergelijk even.
Oliepersmuseum in Magazia
In het kleine dorp Magazia, een paar kilometer ten noorden van Gaios, staat een van de weinige bewaard gebleven olijfpersen van Paxos. Het is een familiemuseum: de vader van de huidige eigenaar gebruikte de pers, en de machine staat er nog zoals hij ooit werkte — een zware steen op een houten draaiconstructie, gedreven door een ezel of muildier. De entree is gering; openingstijden wisselen per seizoen, dus vraag even na in Gaios. Wie de context van de olijfteelt wil begrijpen voordat hij olie koopt, doet er goed aan hier langs te gaan.
Agios Nikolaos-vesting en windmolenruïnes
Op het eilandje tegenover de haven van Gaios staat de vesting van Agios Nikolaos, gebouwd in 1432 door de Venetianen. Het fort is niet te bezoeken van binnen, maar de ruïnes zijn goed zichtbaar vanaf de kade en vormen de karakteristieke achtergrond van elke foto vanuit de haven. In het binnenland, bij de dorpjes Makratika en Lessanitis, zijn de resten van oude windmolens te zien — niet gerestaureerd, maar fotogeniek in het olijflandschap.
Wandelen door de olijfgaarden
Het wandelnetwerk van Paxos bestaat grotendeels uit historische muilezelspaden. Ze zijn smal, ongemarkeerd en lopen soms door privéterrein — een kaart is handig, en overleg met de eigenaar van je verblijf helpt. De meest beloopte route gaat van Magazia naar de westkust, langs de rand van de kliffen, richting het noorden. Een andere populaire optie is de wandeling van Lakka naar het binnenland, door olijfgaarden en langs verlaten boerderijen. De afstanden zijn klein — Paxos is tien kilometer lang — maar het terrein is ruig.