Ergens boven de Adriatische Zee, waar Griekenland ophoudt en de lege zee begint, ligt Othonoi. Tien komma acht vierkante kilometer, een paar honderd vaste bewoners, geen supermarkt, geen discotheek. Het grootste en meest bergachtige van de drie Diapontische eilanden stijgt op tot zo'n 400 meter en kijkt uit over water dat al Italië raakt.
Mythologie voor de kust van Corfu
De Griekse geoloog en classicus Ioannis Partsch verdedigde al in de negentiende eeuw de these dat Othonoi het mythische eiland Ogygia is — het eiland waar de nimf Calypso Odysseus zeven jaar lang gevangen hield. Homerus beschreef geurende cypressen op Ogygia; op Othonoi groeien ze inderdaad volop. Bij het strand Aspri Ammos aan de zuidwestkust gaapt de Grot van Calypso (Spilia tou Kalypsou): een zeehole van zo'n honderd meter diep, tien tot vijftien meter breed en twintig meter hoog, met twee ingangen die vanuit het water bereikbaar zijn. Of het echt het verblijf van de nimf was, weet niemand. De sfeer overtuigt desondanks.
Ligging en karakter
Othonoi ligt ruim 60 kilometer ten noordwesten van de stad Corfu en hoort administratief bij de gemeente Corfu. Het eiland meet ongeveer zes bij drie en een halve kilometer en heeft nauwelijks vlak terrein: de kustlijn bestaat grotendeels uit steile rotspartijen en kleine baaien die alleen per boot bereikbaar zijn. De havenplaats Ammos aan de zuidkust is de enige echte aanlegplaats en het sociale hart van het eiland — een handvol taverna's, een café, kamers te huur.
Boven Ammos, verscholen tussen olijfbomen en niet zichtbaar vanuit zee, liggen meer dan twintig kleine nederzettingen verdeeld over twee regio's: Kato Panta (het lagere deel) en Ano Panta (het hogere). Het meest bekende dorp is Chorio, ook Ano Panta geheten, op de berghelling. De eerste bewoners bouwden er bewust: vanuit de zee was het dorp onzichtbaar en dus veilig voor piraten.
Een eiland dat zijn mensen verloor
In de twintigste eeuw trok de werkloosheid en het gebrek aan perspectief generaties bewoners weg. Velen vestigden zich in Athene of Corfu, anderen emigreerden naar de Verenigde Staten — met name naar New York. De Griekse Othoniotische gemeenschap in New York bestaat nog altijd; veel leden keren 's zomers terug naar het eiland van hun (voor)ouders. Dat seizoenspatroon merk je: in juli en augustus gonst Othonoi van zeilboten en bekende gezichten; de rest van het jaar is het bepaald rustig. De officiële bevolking telde bij de volkstelling van 2021 nog 386 permanente inwoners.
Op het eiland
Langs de noordoostelijke kaap Kastri staat het vuurtoren van Othonoi, gebouwd in 1872 op een hoogte van zo'n honderd meter boven zee. Italiaanse zeekaarten noemden het eiland eeuwenlang "Fanò" — lamp — precies vanwege deze lichtbron. Vlak bij de vuurtoren zijn de resten te zien van een Venetiaans fort. Bereik je de kaap te voet, dan heb je een weids uitzicht over de Adriatische en Ionische Zee tegelijk.
Het dorp Chorio telt een negentiende-eeuwse Georgekerk en een wit stenen kruis dat de emigranten naar de VS herinnert. 's Avonds bij zonsondergang — de eilandbewoners noemen dat iliovasilema — kleurt het westelijke horizon rood en oranje op een manier die je nergens anders in Griekenland ziet.
Hoe kom je er
Othonoi is uitsluitend per boot bereikbaar. De meest gebruikte route vanuit Nederland is: vlucht naar Corfu, daarna boot naar Othonoi. Er zijn twee opties:
- Lijnveer vanuit Agios Stefanos (Avliotes) aan de noordwestkust van Corfu — de kortste en meest directe verbinding, ruwweg een uur varen. Aspiotis Lines vaart deze route; check de actuele dienstregeling op hun website vóór vertrek, want buiten het hoogseizoen zijn de frequenties beperkt.
- Dagtochten vanuit Sidari of Agios Stefanos, aangeboden door lokale excursieboten in de zomer. Vaak worden de drie bewoonde Diapontische eilanden (Othonoi, Ereikoussa en Mathraki) in één tocht gecombineerd. De overtocht duurt dan langer — reken op drie à vier uur voor de volledige ronde.
Wil je meer dan één dag, dan slaap je in Ammos. Reserveer van tevoren: het aanbod is klein.
Beste reistijd
Juni en september zijn de rustigste maanden met aangenaam zwemwater. Juli en augustus brengen meer bezoekers (en zeilboten in de baaien), maar ook meer kans op een open taverna. De winter is grijs en nat; de veerdienst rijdt dan beperkt of onregelmatig.