Othonoi staat niet in de meeste reisgidsen, heeft geen museums en geen toegangsprijzen. De bezienswaardigheden zijn van een andere orde: een zeegrot die al tweeduizend jaar met Odysseus wordt geassocieerd, een vuurtoren op een rots boven de zee en een bergdorp dat bewust onzichtbaar werd gebouwd. Klein eiland, grote verhalen.
De Grot van Calypso (Spilia tou Kalypsou)
Aan de zuidwestkust, bereikbaar vanuit het strand Aspri Ammos, bevindt zich de Grot van Calypso. Het is een indrukwekkende zeehole: zo'n honderd meter diep, tien à vijftien meter breed en twintig meter hoog, met twee afzonderlijke ingangen die vanuit het water goed bereikbaar zijn. Het binnenste ruikt naar zeewier en vocht; het licht speelt groen op de kalkwanden.
Homerus beschreef in de Odyssee het eiland Ogygia als een plek waar de nimf Calypso woonde tussen geurende cypressen en in een ruime grot. Meerdere mediterrane locaties clamen dit mythische eiland, maar de these dat Othonoi Ogygia is, wordt serieus genomen — de Griekse geleerde Ioannis Partsch werkte deze identificatie al in de negentiende eeuw uit. Echte zekerheid bestaat niet. De grot is er wel, en ze is indrukwekkend genoeg om echt te zijn.
Praktisch
De grot is alleen vanuit het water te bereiken — met een rubberboot, kajak of door te zwemmen vanaf Aspri Ammos. Excursieboten vanuit Sidari en Agios Stefanos stoppen hier doorgaans aan. Ga alleen als de zee kalm is: bij golfslag is de ingang gevaarlijk.
Vuurtoren en kaap Kastri
Aan de noordoostpunt van het eiland rijst kaap Kastri op. Hier staat de vuurtoren van Othonoi, gebouwd in 1872 op een hoogte van ruim honderd meter boven zeeniveau. Italiaanse zeevaarders hadden het eiland al eeuwen eerder "Fanò" gedoopt — afgeleid van fanos, lamp — omdat dit uitsteeksel zo lang al als oriëntatiepunt diende voor schepen die de Adriatische Zee opvoeren.
Direct bij de vuurtoren zijn de resten zichtbaar van een Venetiaans fort. De Venetianen beheersten de Ionische eilanden eeuwenlang en lieten op strategische punten versterkingen achter; dit fort bewaakt(e) de noordoostelijke toegang tot het eiland. Van de oorspronkelijke structuur resteert vooral het stenen fundament, maar de plek is de wandeling al waard: het uitzicht over de Adriatische Zee en, op heldere dagen, de kustlijn van Albanië is hier onbelemmerd.
| Vuurtoren gebouwd | 1872 |
|---|---|
| Hoogte | ca. 100 m boven zee |
| Oud Italiaans eilandnaam | Fanò (= lamp) |
| Venetiaanse ruïnes | kaap Kastri, noordoostkant |
Chorio — het onzichtbare dorp
Wie vanuit de haven Ammos het eiland inloopt, bereikt na een stevige klim het bergdorp Chorio, hart van de regio Ano Panta. De eerste bewoners — die in de zestiende eeuw vanuit Paxos en Epirus kwamen — kozen bewust voor deze plek: vanuit zee is het dorp volledig onzichtbaar, verborgen achter de bergkam. Piraten, die dit deel van de Ionische Zee in de vroegmoderne tijd onveilig maakten, konden het dorp zo nooit vinden.
In Chorio staat de Georgekerk, gebouwd omstreeks 1864 en nog altijd in gebruik. Er staat ook een wit stenen kruis dat herinnert aan de tienduizenden Othonioten die in de twintigste eeuw emigreerden — vooral naar New York. Veel van hun nakomelingen keren 's zomers terug. Op mooie avonden biedt Chorio het iliovasilema: de zonsondergang boven het water, zichtbaar op de westelijke horizon, die hier bijzonder intens is.
Tip: wandelen naar Chorio
Vanuit Ammos is Chorio te voet bereikbaar via een onverhard pad (circa 45 minuten omhoog). Er zijn nauwelijks wegwijzers; vraag in de haven om de route. Ga vroeg in de ochtend of 's avonds — overdag is het te warm voor de klim.
Verder op het eiland
Othonoi telt meer dan twintig kleine nederzettingen, de meeste al decennialang verlaten of alleen 's zomers bewoond. Voor wie wil wandelen: het landschap van olijfbomen, wilde kruiden en rotsige hellingen is rustig mooi, maar paden zijn niet altijd helder gemarkeerd. Neem water mee. Een plaatselijke gids of een bewoner die de weg wil wijzen is meer waard dan een kaart.