De naam klinkt als een bezwering: Zagorochoria, het land van de dorpen achter de bergen. In het uiterste noorden van Epirus, een uur rijden van Ioannina, liggen zesenveertig traditionele bergdorpen ingeklemd tussen de toppen van de Tymfi en de diepte van de Vikos-kloof. In september 2023 erkende UNESCO dit cultuurlandschap als Werelderfgoed. Niet vanwege één bouwwerk, maar vanwege een heel systeem: de architectuur, de bruggen, de paden, de dorpen samen als ondeelbaar geheel.
Een streek gebouwd van steen
Wat de Zagorochoria direct onderscheidt van de rest van Griekenland is de bouwstijl. Hier staan geen witte gestukte muren — alles is gebouwd van de grijze leisteen die de bergen leveren. Daken van leistenen tegels, gevels van drooggemetseld steen, binnenplaatsen omsloten door lage stenen muurtjes. De meeste dorpen dateren in hun huidige vorm uit de 17de en 18de eeuw, toen rijke kooplieden en emigranten vanuit de diaspora (Wenen, Venetië, Boedapest) hun fortuin terugstuurden om het land van herkomst te laten bouwen.
Van de zesenveertig dorpen zijn er momenteel 44 bewoond, al zijn sommige niet meer dan vijftig zielen groot. Papingo, Monodendri, Vitsa, Dilofo, Tsepelovo, Kapesovo — elk heeft zijn eigen karakter en elk verdient een aparte stop. Wie haast heeft, mist de streek.
De kloof als hart van het landschap
De Vikos-kloof is 26 kilometer lang, bijna 900 meter diep en op de smalste punten nauwelijks 1.100 meter breed. Het Guinness Book of Records erkende haar al in 1997 als de diepste kloof ter wereld in verhouding tot haar breedte. Op de bodem stroomt de Voidomatis, een van de helderste rivieren van Europa. Boven de kloof staan de uitzichtpunten Oxia (bij Monodendri) en Beloi (bij Vradeto), vanwaar je de volledige diepte beseft zonder ook maar één stap omlaag te hebben gezet.
Hoe de dorpen verbonden zijn
Vóór de komst van asfalt verbonden eeuwenoude klinkersteenpaden — de kalderimi — de dorpen met elkaar en met de wereld daarbuiten. En de bruggen. In de Zagori zijn meer dan vijftig stenen boogbruggen bewaard gebleven, gebouwd in de 17de en 18de eeuw door ambachtslieden uit de regio. Sommige overspannen droge ravijnen, andere overbruggen de Voidomatis. De Kalogeriko-brug bij Kipi, met haar drie bogen, geldt als de mooiste van de streek.
Drakolimni en de Tymfi
Op 2.050 meter hoogte, boven de boomgrens, ligt de Drakolimni — het meer van de draken, vernoemd naar de tritons die er leven. Het meer is alleen te voet te bereiken vanuit Mikro Papingo, via een klim van vier à vijf uur. Wie de tocht aandurft, betreedt een andere wereld: alpine weiden, wolken die van beneden omhoogkruipen en water van een kleur waarvoor geen goede naam bestaat.
Beste reistijd
Lente (april–juni) en herfst (september–oktober) zijn ideaal: de natuur staat op zijn mooist, de temperaturen zijn aangenaam en de dorpen zijn rustig. Juli–augustus is drukker maar nog altijd koeler dan de kust. In de winter ligt er sneeuw; sommige wegen zijn dan onbegaanbaar. Wandelschoenen zijn te allen tijde geen overbodige luxe.
Bereikbaarheid
Het vertrekpunt voor de Zagori is Ioannina, de hoofdstad van Epirus. Van de stad naar de eerste dorpen reken je op 30 tot 60 minuten rijden, afhankelijk van waarheen. De dorpen zijn alleen per auto of motor goed bereikbaar — openbaar vervoer bestaat sporadisch en onregelmatig. Huurwagens zijn beschikbaar in Ioannina, dat op zijn beurt vliegen is vanuit Athene (diverse dagvluchten) of rijden via de Egnatia Odos.
De wegen zijn smal en kronkelig; de bochten naar Papingo bestaan beroemde veertien haarspeldbochten op rij. Rij langzaam en wees voorbereid op onverharde stukken bij de kleinste dorpen.
| Regio | Epirus, Noord-Griekenland |
|---|---|
| Dorpen | 46 (44 bewoond) |
| UNESCO | Werelderfgoed sinds september 2023 |
| Nationaal park | Vikos-Aoos Nationaal Park |
| Afstand Ioannina | ca. 30 km / 40–60 min rijden |
| Hoogte dorpen | 600–1.300 m boven zeeniveau |